Griekse geschiedenis: Troje

In de 12e eeuw v.C. vervielen de rijke Mykeense steden en paleizen of ze werden verwoest, de handel met het Oosten verminderde en de Grieken gingen een donkere periode tegemoet.

In de daaropvolgende eeuwen werden verhalen over de verdwenen Mykeense beschaving van de ene generatie aan de andere overgeleverd in de vorm van gedichten.

Twee daarvan, de Ilias en de Odysee, zijn blijven bestaan. Hun uiteindelijke vorm kregen ze in de 8e eeuw in de handen van de dichter Homeros, wiens gedichten in de hele Griekse wereld bewonderd werden. De Ilias beschrijft hoe een stad, Troje, op de Westkust van het huidige Turkije, wordt belegert door het Griekse leger, onder leiding van koning Agamemnon van Mykene.

Het beschrijft de heroïsche daden van Griekse en Trojaanse soldaten als Achilles en Hektor.

De Odysee verteld het verhaal van de terugkeer uit de Trojaanse oorlog van een Griekse held, Odysseus. Hij deed er 10 jaar over en beleefde menig avontuur. De verslagen van Homeros gaan over echt gebeurde oorlogen, veldslagen en belegeringen uit een vroegere periode. Waarschijnlijk is er oorlog gevoerd door de Grieken en Trojanen om de eigendomsrechten van land en oogst tijdens de ineenstorting van de Mykeense wereld en niet om de verlossing van Helena van Troje.

Helena was de mooie vrouw van Menelaos, koning van Sparta en broer van Agamemnon, koning van Mykene. Volgens de legende veroorzaakte de schaking van Helena door Paris, zoon van Priamos, koning van Troje, de Trojaanse oorlog. De Grieken verenigden zich om de Trojanen te verslaan en Helena aan haar man terug te geven.